Preek van de Week – zondag 26 mei ’19

Johannes 14, 23 – 29

‘Laat de luiken geloken zijn’ – J.H. Leopold (1865 – 1925)
Op muziek gezet door Roele Kok (1988)

Laat de luiken geloken zijn
wiege wiegele weine
en de stilte onverbroken zijn
wiege wiegele wee.

Wen het kindje gedoogen wil
moe en tevreeën,
dat de blinkende oogen stil
toe zijn gegleeën,

dan zal komen de droomenvrouw
zacht over den grond
zij de vrome, die schromen zou
zoo zij wakenden vond.

En zij zal in den langen nacht
aan het hoofd zich vlijen
met der droomen wufte vlinderpracht
het kindje verblijen.

Het verhaal zal zij weer beginnen
het angstig mooie
en zij zal zich duizend keer bezinnen
en het niet voltooien.

Laat de luiken geloken zijn
wiege wiegele weine
en de stilte onverbroken zijn
wiege wiegele wee.

I
De dichter Martinus Nijhoff schreef over zijn Rotterdamse collega Leopold: ‘dat hij zich geheel teruggetrokken heeft uit het verkeer met mensen; dat hij op de Coolsingel, om niet herkend te worden, staan blijft en een krant voor zich openvouwt wanneer een kennis nadert; dat hij mensen niet ziet en niet groet en ieders nabijheid vermijdt’. Misschien overdrijft Nijhoff. Maar je vormt je wel direct een beeld van de dichter. Je ziet een mens die niet goed raad weet met de wereld. Sociaal wat onhandig. Angstig misschien wel. Maar met een rijk innerlijk leven. De taal helpt de dichter om de wereld te ordenen en de dingen hanteerbaar te maken.

Roele zette het gedicht ‘Laat de luiken geloken zijn’ op muziek. Een wiegelied voor een kind dat zich overgeeft aan de slaap als de vader of moeder zachtjes de luiken dicht doet en het licht en het geraas buiten sluit. De titel past bij hoe Martinus Nijhoff zijn collega Leopold tekent. Het gedicht gaat over hem zelf. Denk ik. Altijd op zoek naar momenten om de luiken dicht te kunnen doen. Wachtend op een gestalte die hem met schroom en zachtheid tegemoet komt, die woorden en beelden in hem wakker maakt, waarmee hij het leven hanteerbaar weet te maken. Zoals de droomenvrouw uit het gedicht dat doet met het kind: ‘dan zal komen de droomenvrouw /  zacht over den grond /  zij de vrome, die schromen zou / zoo zij wakenden vond.’ Ergens tussen waken en slapen. Zo voorzichtig.

II
Misschien denkt u: ‘Ik ben hier om de Bijbel uitgelegd te krijgen, geen gedichten.’ Maar of het nu toeval is of niet, dit gedicht heeft zo veel te maken met waar het in het evangelie van deze zondag over gaat. Het komt tot zijn recht in de Paastijd. De eerste zondag na Pasen, de achtste dag van Pasen, wordt ook wel Beloken Pasen genoemd. De luiken gaan dicht. Het Paasfeest wordt afgesloten. Het geheim van de opstanding wordt bewaard. ‘Laat de luiken geloken zijn / wiege wiegele weine’  

In het evangelie volgens Johannes komt Jezus op de avond van de eerste dag achter de gesloten deuren in het midden van zijn discipelen staan. Ze waren bang voor de buitenwereld. En daar was alle reden voor. ‘Laat de luiken geloken zijn’. Ooit werd geroepen, als teken dat de kerkdienst  op het punt stond te beginnen: ‘De deuren!’ Dan werd de deur vergrendeld en alle vijandigheid buiten gesloten. De gewoonte om in het consistoriegebed, voorafgaand aan de dienst, te vragen of de dienst in alle vrede en rust mag verlopen, gaat daar nog op terug.

Zo raakt het gedicht van Leopold dus aan het Paasevangelie en aan de viering van de liturgie. Maar even belangrijk is dat het gedicht ons raakt. Het vindt ons in onze eigen angsten. Zoals de dichter op de Coolsingel zijn krant ophield om niet herkend te worden, zo verbergen wij ons in de liturgie om even niet in de wereld te hoeven zijn. Want er is zo veel loos. En het is soms niet te hanteren. Elke keer treft het me weer hoe ouders die hun kind laten dopen hopen dat God hun kleine ding beschermen zal voor alle kwaad. Het is zo dubbel als wat. Je voelt aan je water dat het zo niet werkt. Zo veel kinderen in de wereld die het niet redden. En toch blijf je hopen dat God jouw kind zal weten te beschermen. Het mag dan in de symboliek van de doop gaan over sterven en opstaan uit het water van de dood, en je beaamt het samen telkens weer gemeente breed. Maar stilletjes bid je vanuit je tenen dat het kind verre mag blijven van het doodsgevaar. Weg met dat water!

III
De woorden van Jezus in het evangelie van deze 6e Paaszondag zijn een antwoord op de vraag van een van zijn leerlingen: ‘Waarom zult u zich wel aan ons, maar niet aan de wereld bekendmaken, Heer?’ (vers 22) Zo’n onverdeeld genoegen is het namelijk niet om Jezus te leren kennen. Krijg het in de wereld maar eens uitgelegd dat deze gekruisigde en verdoemde ons aller redder is; dat in zijn dood ons leven ligt besloten. De leerlingen weten uit ervaring hoe veel onbegrip en agressie dit verhaal losmaakt. ‘Maak het daarom ook de wereld bekend, Heer. Want wij krijgen het niet uitgelegd.’

Johannes 14 maakt deel uit van een lang gesprek, dat Jezus aan tafel met zijn leerlingen voert. Voorafgaand aan zijn arrestatie en berechting, zijn lijden en zijn dood. Ja, en zijn opstanding. Maar die is niet te pakken. Zeker niet in dit uur. Laat het daarom weg blijven, zolang het nog kan. Laat hem nog even blijven. Laat het nog even duren. Barricadeer de deur! ‘Laat de luiken geloken zijn / wiege wiegele weine / en de stilte onverbroken zijn / wiege wiegele wee.’

‘Jezus antwoordt en zegt tot hem: als iemand mij liefheeft zal hij mijn woord bewaren’ (vers 23) Bewaren, dat klinkt als iets dat je doet achter dichte deuren en gesloten luiken. Bewaren en beschermen liggen in elkaars verlengde, toch? Zoals in dat prachtige liedje van Annie M.G. Schmidt: ‘Ik zou je het liefst in een doosje willen doen / En je bewaren, heel goed bewaren.’ Bewaren doet denken aan de jonge moeder die zich over haar kind buigt en daarbij ongemerkt de wereld op afstand zet. Bewaren doet denken aan de kerk, die vasthoudend liturgie blijft vieren en die zondag aan zondag het Woord verkondigt, terwijl het de wereld onberoerd laat.

En toch is dat alles, denk ik, niet het zelfde als waar Jezus op doelt: ‘Als iemand mij liefheeft zal hij mijn woord bewaren’  O ja, ook in onze drang om te bewaren en te beschermen is er liefde in het spel. In het liedje van Annie M.G. Schmidt, bij de moeder en haar kind, bij jonge ouders die hun kind ten doop willen houden en in de gemeente die haar hart ophaalt. Maar waar de liefde voor Jezus is wakker gemaakt in een mens, daar lukt het niet meer om de deuren naar de wereld dicht te houden, hoe graag je dat ook zou willen. Want, God, bewaar me! En, ja, dat gebeurt. Wees niet bang. Maar dat bewaren gebeurt in de wereld en met de wereld. Te midden van het gevaar. En daar waar de dood huis houdt. Hij, die ons de vrede aanzegt en ons zijn liefde bewijst, komt daar vandaan. Uit die wereld, die wij niet voor niets proberen buiten de deur te houden. Als op die avond van de eerste dag in het paasevangelie volgens Johannes.

Het bewaren van het woord van Jezus gaat niet achter dichte deuren en zachtjes gesloten luiken. Hij laat zich niet in een doosje doen. Wie zijn woord bewaart, weet dat het in de wereld klinkt. Het is een woord voor gemankeerde mensen. Niet voor geestelijk topfitte mensen met talent voor geloven. En als dat maar niet wennen wil en wij ons verschansen achter dichte deuren, omdat wij alleen zo nog iets van het heilige overeind weten te houden, geen nood – dan komt hij achter die deuren om ons de liefde aan te zeggen. Om daarna te ervaren dat wij die deur naar de wereld en naar al dat hopeloze volk nooit meer dicht krijgen. Omdat wij daar ook bij horen.

IV
‘Als iemand mij liefheeft zal hij mijn woord bewaren, en mijn Vader zal hem liefhebben (Spr. 8,17) en wij zullen tot hem komen en verblijf bij hem maken,’ zegt Jezus tegen zijn leerlingen. Een onvoorstelbare gedachte. Dat je een tempeltje bouwt in een hoekje van je huis of een plekje voor God vrij maakt in een rustig hoekje van je ziel; of dat je samen een kerk als deze in de benen houdt, met enig aanzien en met muren die er mogen zijn, dat kunnen we ons nog wel voorstellen. Maar dat de Vader en de Zoon, als een Moeder die zich ontfermt over haar kind, midden in de sores van de wereld zelf wel een plekje vinden om bij jou te kunnen zijn, dat is toch te bizar voor woorden?

De Vader en de Zoon hebben in hun komen wel iets van de droomenvrouw uit het gedicht van Leopold. De droomenvrouw komt behoedzaam nabij. Ze wil het kind niet wekken. Haar liefde en haar vreugde komen tot het kind in zijn dromen. Maar daar zit ook het verschil. De droomenvrouw heeft de gesloten luiken nodig om te kunnen komen. Het lawaai van de wereld schrikt haar af. Pas op, het mooie is zo maar weg! De Vader en de Zoon hebben de zachtjes gesloten luiken niet nodig om te kunnen komen. Dat denken we misschien wel als de koster de deur sluit zodat de kerkdienst ongestoord beginnen kan. Maar de Vader en de Zoon komen niet dankzij de dichte deuren, die de wereld op afstand houden. Ondanks de dichte deuren komen ze in ons midden en zeggen ze ons de vrede aan.

Is dat niet voluit het evangelie van Pasen, dat we niet eerst een stukje wereld stormvrij hoeven te maken met het laatste restje geloof dat we in ons hebben, maar dat deze wereld met al zijn dood en verwarring hun thuis is. En weet uw waarom? Omdat jij daar woont. Omdat het al lang gezien is dat het jou niet lukt om de boel er nog een beetje fatsoenlijk uit te laten zien. Omdat ze niets liever willen dan bij jou komen. Het zijn geen schimmen, de Vader en de Zoon. Je ziet hoe ze zijn getekend door wat er mis ging en wat mis gedaan werd. Kijk naar de littekens in het lichaam van de Zoon! Maar er hangt een glans om hen heen. Niet de glans van volmaaktheid, maar de glans van liefde sterk als de dood. Als ze komen hoef je geen krant hoog te houden om je achter te verbergen. Het kind in jou is bij hen veilig. En heel de wereld er omheen.

Bewaar dat woord. Leef de liefde. En wees niet bang voor wat nog elke dag verdriet doet. Het zijn littekens van de oude wereld, die niet kan verhinderen dat er een nieuwe wereld aan zit te komen. In de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest. Amen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.