Preek van de week – 29 november 2020

In een tijd waarin soms niet hetzelfde lijkt, telt de kerkelijke kalender net als altijd door. Het is weer Advent, die tijd van verwachten, van verlangen,van toeleven naar Kerst. Naar dat feest van licht en blijdschap.

En tegelijk is Advent meer dan alleen toeleven naar Kerst, de verwachting gaat dieper. In deze periode hopen we op de langverwachte vervulling van Gods beloften, we verlangen naar het moment dat de aarde en hemel elkaar raken. Of het nu de hemel is die naar beneden komt, of juist opstijgt en onze vermoeide wereld vervuld van nieuw leven.

Om het maar met de woorden van Psalm 85 te zeggen: ‘Wanneer zijn glorie komt wonen in ons land, zullen trouw en waarheid elkaar omhelzen recht en vrede elkaar met een kus begroeten’. Een vervulde wereld, wanneer God heerlijkheid komt wonen in ons land.

Verlangen en hoop, het zijn woorden en gevoelens die wel in deze tijd passen. Het verlangen dat het leven weer naar het normaal terugkeert. Al is het soms maar de vraag of dat normaal zo normaal of zo goed was. Maar we kunnen het ook herkennen in de hoop dat we heel uit deze tijd komen, of dat ze misschien zelfs nog iets goeds zal uitwerken.

Wanneer ik terugkijk op de afgelopen maanden herken ik een enorme verscheidenheid aan reacties en emoties, bij anderen, maar zeker ook bij mezelf. Van de voorkeur om dingen zoveel mogelijk bij het oude te laten of deze periode gewoon maar uit te zitten, tot een enthousiasme over de kansen tot reflectie of creativiteit, die deze tijd ook biedt. En of het nu deze periode is, of gewoon de dagelijkse realiteit, maar het ene moment zou je het liefst de boel de boel laten, het andere moment daag je jezelf uit om er toch vooral het beste van te maken, en weer een volgend moment voel je hoe tegen de grenzen van je kunnen en energie aan loopt.

En juist die beweging, tussen verlangen, verwarring en hoop, is ook wat deze tijd van Advent kenmerkt. Advent is niet alleen een feestelijke, maar ook een verwarrende periode. Het bepaalt ons bij wat er al is en wat we verwachten, maar zeker ook bij wat er nog niet is.

Want het recht en de vrede waar Psalm 85 over spreekt lijken vaak nog zo ver weg. Waarheid en fake news zijn soms nog maar moeilijk van elkaar te onderscheiden. En trouw in onze vriendschappen en  relaties is maar wat vaak ontzettend uitdagend. Allemaal dragen we wel ervaringen met ons mee waarin ons vertrouwen werd beschaamd of waarin we geconfronteerd werden met onrecht.

En tegen de achtergrond van die ervaringen is hopen en verwachten geen gemakkelijke opgaven. Dan duurt wachten soms maar wat lang. Misschien zelfs zo lang dat we er gedesillusioneerd van zijn geraakt, dat het verlangen is bekoeld, we het wachten maar helemaal hebben opgegeven, of er juist van overtuigd zijn geraakt dat we het dan maar zelf moeten doen en realiseren.

Maar juist dan daagt deze tijd van advent ons uit om te oefenen en te leven in verwachting. En dat is geen passieve verwachting, maar meer een ongeduldig verlangen. Wat ruimte laat om te treuren, maar wat ook durft te hopen én al anticipeert op het volle leven, die vervulde wereld..

Wanneer de Kelten het hebben over vervuld leven, hemel en aarde die elkaar raken, dan noemen ze het ‘thin space’. Die ‘dunne ruimte’ is niet alleen van de toekomst, maar ook al van het hier en nu. En in deze tijd van advent oefenen we onszelf als het ware om te ademen in die dunne ruimte. We oefenen onszelf om te leven in verlangen en verwachting, door de weg vrij te maken voor het licht, voor God, voor de hemel op aarde.

De teksten van vandaag geven ons daarvoor al een paar handreikingen. En dat begint met die oproep om onze ogen open te houden, om waakzaam te zijn. Dat is niet zozeer een gespannen, angstige of onzekere waakzaamheid zoals dat wel eens wordt gezien. Maar eerder een waakzaamheid en oplettendheid die het licht herkent, het buitengewone welkom heet in het gewone.

Dat heeft van alles te maken met verwondering. Verlangen en verwondering liggen dicht bij elkaar, maar verlangen kan verwondering ook naar de achtergrond duwen. Wanneer we zo bezig zijn met ‘what’s next’, met wat we willen bereiken, met de volgende vakantie, dat we de schoonheid en de zegen in het moment zelf niet mee opmerken. Het is de verwondering die de takken van de vijgenboom ziet uit lopen, en beseft dat de zomer komt.

En die oplettendheid die het licht te herkent en welkom heet, vraagt ook om open ogen waarmee we Christus opmerken, het vraagt ons om daar te zijn waar Hij is. En dat is vaak ergens anders dan waar we verwachten. Tijdens zijn leven was Jezus er continue mee bezig om het beeld van zijn discipelen bij te stellen. Ze verwachte een koning, iemand die de leiding zou pakken en af zou rekenen met de Romeinse overheersing. Maar in Jezus ontmoete ze iemand die geboren was in een stal, iemand de maaltijden deelde met allerlei soorten mensen, die de onaanraakbare aanraakte, die met scherpe woorden sprak over machtsmisbruik of schijnheiligheid, maar die ook huilde om wat hij zag en lief had tot het einde toe.

Het punt waar hemel en aarde elkaar raken werd in hem belichaamd. In hem leefde God onder ons en deelde in ons leven. Niet in het deel van ons leven wat we het liefst op Social media tonen, maar het deel wat we het liefst zo diep mogelijk weg stoppen. Hij is niet aanwezig in die gesloten cirkels waar rijk, succesvol of heilig elkaar ontmoeten, maar schuift aan tafel bij hen aan wie iedereen voorbij loopt.

En juist daarom misschien wel die oproep tot waakzaamheid, aan zijn discipelen, en aan ons. Want voor we het door hebben zijn we gaan suffen, hebben we onze ogen gesloten voor het onrecht om ons heen. Voor we het door hebben zijn we zo meegezogen in het continue verlangen naar meer en beter, dat we niet door hebben hoe hij zich in het alledaagse aan ons toont. Een oproep tot waakzaamheid, want voor we het weten, lukt het ons niet meer om God te herkennen in de wereld en de mensen om ons heen. Een Joodse Rabbi werd eens gevraagd waarom maar zo weinig mensen God vonden, zijn antwoord was dat men niet bereidt was om zo laag te kijken.

De hemel op aarde of het volle leven verwelkomen en het hoopvolle licht van Gods toekomst ontdekken heeft dus te maken met die oplettende waakzaamheid. Maar Psalm 85 kleurt het nog verder in en laat zien dat het ook alles te maken heeft met een verwachtingsvolle en actieve anticipatie.

We anticiperen al op dat volle leven door er hier en nu al handen en voeten aan te geven. We leven toe naar een wereld vol van trouw, liefde, recht en waarheid, door er ruimte voor te maken, in onszelf en om ons heen. Sterker nog, dat is de manier waarop we God verwelkomen, de weg waarlangs hij verschijnt. Psalm 85 eindigt met die woorden: Het recht gaat voor God uit en baant voor hem de weg.

Dat betekent niet dat dat een makkelijke opgave is. Soms lijken het maar druppels op een gloeiende plaat, voelt onze hoop op God ontzettend kwetsbaar, of duurt het wachten nog steeds ontzettend lang, want er is nog zo veel dat niet klopt.

Maar volgens mij neemt een leven in hoop en verwachting juist dat serieus. Het is geen sprookjesachtig optimistisch idee dat het allemaal wel goed komt. Hoop durft woorden te geven aan wat nog niet goed is en treurt erom. Hoop ook stelt niet dat ze precies weet wat er gaat gebeuren of wanneer het beter wordt, maar ze geeft wel kracht om op weg te gaan. Ze geeft ruimte aan het licht en durft om te verlangen en te verwachten, omdat ze ten diepste haar basis vind in God zelf.

Onze hoop is een antwoord op zijn eerste trouw en liefde, die al zichtbaar werden in de schepping, in zijn verbond met Israël, en in Christus. In wie we ontdekken dat we niet alleen op weg gaan, maar dat God met ons is, hij treurt en verlangt met ons mee, en laat niet los wat hij is begonnen.

Misschien is het juist in dat antwoorden, in het op weg gaan, in het hopen, dat we het gaan zien en ervaren, hemel en aarde die elkaar raken.

Dus laat het zo zijn, laten we hopen, laten we gaan. Amen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.