Preek van de week – 11 oktober 2020

Gemeente van Christus,

Hoe startte u het afgelopen jaar?  Was dat misschien ook vol verwachting en met nieuwe plannen? Was dit het jaar waarin je een nieuwe start zou maken? Een nieuwe baan, trouwen, gezinsuitbreiding of verhuizen naar een nieuwe plek.

Was dit het jaar voor verandering? Waarin je eindelijk een lang gedroomde stap hoopte te gaan zetten, waarin je je had voor genomen om meer in bepaalde relaties of dingen te investeren, of waarin je je geloof of de kerk opnieuw hoopte te ontdekken?

Als we over 2020 tot nu toe één dingen kunnen zeggen dan is het wel dat het een jaar van veranderingen is, maar anders dan veel van ons waarschijnlijk hadden verwacht. Het internet staat vol heerlijke grapjes en memes over ‘mijn plannen voor 2020 vs. 2020’  of ‘hoe ik dacht dat 2020 eruit zou zien, en hoe het werkelijk is’.

En toch de realiteit is vaak lang niet zo grappig en luchtig. Moeilijke of uitdagende veranderingen drongen zich aan ons op: plotseling thuis werken of thuis onderwijs geven, de switch van offline naar online communicatie. Misschien werden we noodgedwongen voor een nieuw begin gezet of waren er dingen die ongewild tot een einde kwamen. Zoals ons werk, ontspannen ontmoetingen met vrienden of familie, de vanzelfsprekendheid om je onder mensen te begeven of even een arm om de ander heen te slaan. Een nieuwe periode die anders is dan gehoopt en die nog steeds vaak onzeker voelt.

En hoewel de realisatie kan helpen dat we niet de enige zijn, dat we samen in hetzelfde schuitje zitten, maakt dat de teleurstelling, pijn, onzekerheid of verlorenheid die erbij komt kijken vaak niet minder. Iets wat veranderingen vaak kenmerkt, Corona gerelateerd of niet.

Zeker wanneer het ongewilde veranderingen zijn of we worden gedwongen om opnieuw te beginnen. Maar ook een positief nieuw begin of veelbelovende veranderingen kunnen soms maar wat uitdagend of verwarrend zijn.

In het verhaal uit Ezra wat we zojuist hoorde staat het volk van Israël ook aan de start van een nieuw begin, gekenmerkt door kwetsbaarheid en onzekerheid. Het boek Ezra begint met de vreugdevolle en hoopvolle aankondiging van Cyrus, koning van Perzië, aan de Judese ballingen in Babylonië. Nadat Jeruzalem en de tempel meer dan 50 jaar geleden waren verwoest en haar inwoners als ballingen waren mee genomen naar Babylonië, klinkt hier de aankondiging dat ze terug mogen keren om de tempel te gaan herbouwen. Een antwoord op de eindeloze gebeden en langgekoesterde hoop  van het volk in ballingschap.

In de eerste twee verzen zien we hoe de auteur vertelt en getuigt dat het God is die de koning aanzet tot dit besluit en dat het een vervulling vormt van wat God Jeremia eerder al had laten aankondigen. In Jeremia lezen we verschillende keren de aankondig van God

dat hij, wanneer de tijd voorbij is, naar zijn volk zal omzien en zijn belofte zal waar maken

door het volk weer zal samen brengen en naar Jeruzalem terug te laten keren.  Als teken van die belofte draagt God Jeremia zelfs op, om vlak voor het volk in Ballingschap wordt meegevoerd, nog een akker te kopen. Als teken dat het volk zal terugkeren en er weer akkers gekocht en bezaaid zullen worden.

De terugkeer van het volk vormt daarmee een vervulling van Gods beloften, een teken van God doorgaande trouw en betrokkenheid. Een soort tweede Exodus, waarin Gods trouw uitgaat boven de ideeën of besluiten van een vreemde koning. Daarom beschrijft de schrijver dit nieuwe begin voor het volk als een hoopvol nieuw begin, omdat het tegen de achtergrond staat van Gods trouw en handelen. Een nieuwe start, maar gefundeerd op de beloften van God. Met die hoop en dat vertrouwen zien we als het ware het volk vervolgens op pad gaan. Overladen met giften en steunbetuigingen van hun buren en de oude schatten uit de tempel.

Aangekomen in Jeruzalem blijkt de realiteit echter weerbarstiger. Die nieuwe start, het herstel waar ze naar verlangde bleek lang niet zo makkelijk of vreugdevol als gehoopt. Terug in Jeruzalem werd men geconfronteerd met een stad in puin, een tempel die was veranderd in een ruïne en vijandige omwonenden.

Hoop en wanhoop staan hier dicht bij elkaar. De hoop op verandering en een nieuwe begin, de verwachting dat het leven, hun thuis, eindelijk weer zou worden zoals ze was bedoeld. En tegelijk de confrontatie met chaos, met de weerbarstige werkelijkheid. Een werkelijkheid die niet te ontlopen is en de vraag op roept ‘maar hoe nu verder?’.

Je herkent het vast wel dat wanneer je uitgebreid gekookt hebt en na een heerlijk maaltijd weer de ontplofte keuken inloopt, je je afvraagt waar in hemelsnaam te beginnen. Maar ook in het dagelijks leven is die vraag helaas maar wat vaak herkenbaar. Momenten waarop de situatie waar je je in bevindt zo anders is dan verwacht of gehoopt. Wanneer de realiteit onzeker of chaotisch voelt en je niet meer goed weet hoe je verder moet of misschien zelfs niet meer durft te hopen of te dromen. Soms heeft ons leven of de dingen waar we mee worstelen wel iets weg van die ruïnes waarmee het volk werd geconfronteerd. En lopen ook wij tegen de vraag aan hoe we van daaruit verder gaan.

Een makkelijk of eenduidig antwoord is daar nooit op te geven, en de tekst die we vanochtend lazen doet dat ook niet. Want hoe positief het boek Ezra ook begon de hoofdstukken erna tonen een range aan emoties, wijze en dwaze keuzen, en zowel hoop, verwarring als wantrouwen.

En toch… wie weet, kan de keuze die het volk hier aan het begin maakt ons vandaag wel inspireren of bemoedigen te midden van die onzekere of verwarrende momenten in ons eigen leven.

Aangekomen in Jeruzalem maken de teruggekeerde ballingen namelijk een opvallende en bijzondere keuze. Nog voor de tempel is herbouwd en de stad is hersteld lezen we hoe het volk bij elkaar komt om te vieren en hoe de offer- en eredienst in ere wordt hersteld.

Bij de aanblik van de stad in puin en in confrontatie met vijandigheden kiest het volk er niet voor om gelijk in actie of een zogenaamde doe-modus te schieten, noch om direct alles op te willen lossen. Als een voorwaarde om pas daarna de rust te vinden en ruimte te kunnen maken voor bezinning en reflectie. In plaats daarvan kiest het volk ervoor om juist daar te beginnen. Ze beginnen door samen te vieren, samen stil te staan bij hun geschiedenis en dat te doen wat ze al die jaren niet hadden kunnen doen.

Daarmee verplaatsen ze als het ware hun focus van dat wat allemaal nog niet goed is of dat wat er nog onzeker is, naar wat voor hen onmisbaar is en hoop representeert. In het vieren, in de lofprijzing en in de offers voeden ze hun hoop, tonen ze dat ze durven hopen en verlangen om naar die hoop te leven.

Dat is niet om daarmee maar de ogen te sluiten voor de realiteit of als een oproep om ons simpelweg en alleen toe te leggen op danken en bidden. Want dat is niet wat lofprijzing is. Ten diepste is lofprijzing namelijk iets wat ons verbindt aan God en aan elkaar.

In ingewikkelde of verwarrende situaties kan het een risico zijn dat we gaan zoeken naar een schuldige, teleurgesteld raken in onszelf of ontmoedigd worden. Maar in samen vieren, in lofprijzing die ons verbind met God en elkaar, gebeurt juist het tegenovergestelde.

Neem nu het zingen in de kerk, juist nu dat niet kan beseffen we misschien des te meer hoe het ons help om samen te geloven en te zoeken. Al zingend, met elkaar, vinden soms een belijdenis die we alleen nog niet uit durven spreken.

In het samen vieren, in samen lofprijzen, hier in de kerk, maar gelukkig ook wanneer we samen zijn in kleine kring, alleen verbonden online of thuis als gezin, steunen we elkaar in geloof, voeden we onze hoop en zoeken we naar kracht en moed om daar uit te leven en te handelen.

Zo roept de keuze van het volk ook naar ons dus vraag op of we het aandurven om op de vermoeide en uitgeputte momenten van het leven ons te laten raken door een nieuw lied, door nieuwe hoop. Durven we te beginnen vanuit lofprijzing en hoop, zelfs wanneer de realiteit er nog niet naar is? En Gods Geest de ruimte te geven om ons te vernieuwen?

Vernieuwing is namelijk meer dan het herstel van goede tijden. Zowel om dat die tijden misschien helemaal niet in alle aspecten of voor iedereen zo goed waren, maar ook omdat Gods toekomst altijd groter is dan het verleden. Ten diepste is vernieuwing de openbaring aan hen en aan ons die zich midden zorgen, lijden of wanhoop bevinden, dat God met ons is.

Iets wat ook zichtbaar wordt in de herbouw, de vernieuwing van het altaar op de oude fundamenten van de tempel. Een handeling die wijst naar de continuïteit tussen wat er was, is en komen zal. Een herinnering aan de lange traditie waarin ze staan, een teken van verwachting voor de toekomst en boven alles een verwijzing naar de aanwezigheid en doorgaande trouw van God. Het brandoffer en de tempel waren voor het volk van Israël namelijk bij uitstek tekenen van Gods aanwezigheid, daar verbleef hij onder de mensen. De toekomst zou anders zijn dan het verleden, maar wat zorgt voor die continuïteit in het verleden, heden en toekomst, is die trouw en aanwezigheid van God.

En die belofte klinkt nog steeds. Te midden van onze vragen en worstelingen biedt de Bijbel misschien geen kant en klare antwoorden, een duidelijke oplossing of stappenplan, maar ze verzekert ons er wel van dat we niet alleen de toekomst in gaan. Zoals Gods aanwezigheid zichtbaar werd in de tempel, in de offer- en eredienst, zelf daar te midden van het puin en de ruïnes, zo was hij in zijn Zoon, in Jezus, als mens onder ons en deelde hij in ons lijden, in ons verdriet en in onze angst.

God is met ons, ook hier en nu. Wanneer de situatie waarin we ons bevinden misschien onzeker of uitzichtloos lijkt. Wanneer we worstelen met moedeloosheid of werkelijk geen idee meer hebben hoe we verder moeten. Zelfs wanneer we eigenlijk niet meer weten

hoe we met onze vragen of verlangens nog de weg naar God vinden.

Ja, op die momenten wanneer we, met de woorden van Paulus uit romeinen 8: zuchten en kreunen, te midden van de pijn in deze wereld, dan is het de Geest zelf die met ons en in ons kreunt, met woordeloze zuchten. Soms zijn de woorden namelijk gewoonweg niet te vinden, is er geen eenduidig antwoord of een heldere oplossing en verklaring, maar juist in die ervaring is God met ons en worden ook wij geroepen met elkaar te zijn.

Amen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.