“Welterusten!”

Het is een mooie zomerse zondagmorgen. Het Nieuwe Kerkhof is nog groen. We fietsen naar de kerk. Er zitten twee studenten in een raam. Ze roepen ons toe: “Welterusten!” We zwaaien terug. Twee mensen op de fiets vóór negen uur op zondagmorgen. Dat kan maar een ding betekenen: Die twee zijn uit geweest. Het is tijd om naar bed te gaan.

Ik krijg ineens een flashback: Het is Nieuwjaarsmorgen. Ik loop met een bierpul aan een veter om mijn hals naar huis. Mijn voeten raken nog nauwelijks de grond. Ik zweef een beetje. Maar de richting is goed. Want mijn vader komt mij tegemoet. In plaats van mij in de armen te sluiten als op het beroemde schilderij van Rembrandt, ‘de terugkeer van de verloren zoon’, sist hij me toe: ‘Weg!’. Hij is onderweg naar de kerk en wil liever niet dat het kerkvolk mij zo ziet gaan in tegenovergestelde richting. In plaats van me afgewezen te voelen, groeide mijn trots. Ik was groot geworden en had mijn eigen richting in het leven gevonden. Als je zestien bent, denk je wel meer.

Wat vind ik dat toch fijn aan de stad, dat de een op zondagmorgen in het raam kan zitten, klaar om in bed te vallen, en dat de ander op z’n fiets onderweg is om de kansel van de Nieuwe Kerk te beklimmen. En dat die twee werelden elkaar omarmen in een wederzijdse hartelijke groet. Zonder het fijne van elkaar te weten.

Op die begintijd van de kerkdienst op zondagmorgen is trouwens wel wat af te dingen. We gaan er prat op dat we kerk in de buurt willen zijn. Maar als de meeste bewoners hun gordijnen niet vóór 11 uur open trekken, dan maak je jezelf wel heel onzichtbaar als je de kerkdienst om 9.30 uur laat beginnen. Tot troost: het Festival van de Geest (7 – 9 september) kent meer courante aanvangstijden. Ik lees trouwens net dat voor wie in elfjes gelooft 9.30 uur al weer aan de late kant is: ‘In het maanlicht spelen we, met de nacht begint onze dag, terwijl we dansen, valt de dauw’.

De Nieuwe Kerk heeft een vaste column in Kop d’r Veur, het magazine van de Hortusbuurt en het Ebbingekwartier. Deze column staat in het meest recente nummer augustus/september 2019 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *