Preek van Palmpasen – Zondag 5 april ’20

Lucas 19, 28 – 40

I
‘Laat bruisen de zee en alles wat daar leeft, laat juichen de wereld met haar bewoners. Laat de rivieren in de handen klappen en samen met de bergen jubelen voor de HEER, want hij is in aantocht.’ (Psalm 98, 7 e.v.) Het is het zusje van de psalm die wij gezongen hebben als openingslied: ‘De aarde en haar volheid zijn / des Heren koninklijk domein, de wereld en die daarin wonen. / Het land rijst uit de oceaan, rivieren breken zich ruim baan / om Gods volmaakte macht te tonen.’ (Psalm 24 vers 1)

Hier is de lof op God niet langer voorbehouden aan de mens, laat staan alleen aan de beminde gelovigen. Hier ligt de schepping niet aan jouw voeten om er koning te kraaien of te doen alsof ze niet zonder jou kan. Mens, vier feest vandaag. Want je bent niet alleen. Je hoeft de last van het leven niet alleen te dragen, want je wordt gedragen door heel Gods schepping. Je bent er onderdeel van. Wist je dat nog niet? Of ben je het vergeten? Je bent niet het doel van de schepping. Het is andersom: het is de schepping die ons leven zinsverband en richting geeft. We zijn er om er koninklijk van te genieten en om haar te bewaren. Dat is wat er bedoeld wordt als de mens de kroon van de schepping wordt genoemd.

Weet dat je niet alleen bent als je samen in de kerk de lofzang gaande houdt. Alles doet mee. Meer dan alleen mensen. Het is geen wonder wanneer je soms het gevoel hebt dat de muren van de Nieuwe Kerk oren hebben en dat de zoldering in stilte aan het bidden is. Nee, je verbeeldt het je niet. De muren en het dak zijn er niet om het samenzijn in de kerk scherp af te grenzen van het Nieuwe Kerkhof en de straat. Alles zingt mee. De statige bomen, de snuffelende honden, de bloesem in de knop, de zon, de maan en het Reitdiep.

‘Laat bruisen de zee en alles wat daar leeft, laat juichen de wereld met haar bewoners. Laat de rivieren in de handen klappen en samen met de bergen jubelen voor de HEER, want hij is in aantocht.’ Dat is bij wijze van spreken, zegt u? Poëtische spielerei, nietwaar? Dit moeten we toch niet al te serieus nemen? Nou, laat ik er dit van zeggen: Neem het serieuzer dan alle geloofswaarheden die de kerk met een ernstige rimpel in het voorhoofd heeft bedacht. Eenzaam zittend op de kant van de schepping. Neem het dankbaar in ontvangst van rivieren en van bergen: het applaus en de lofzang. En maak niet direct een afspraak met de psychiater als u zich iets kunt voorstellen bij wat Jezus zegt tegen enkele Farizeeërs, als die zich zorgen maken over wat daar zich afspeelt onderweg naar Jeruzalem – ‘leermeester, berisp je leerlingen!’ ‘Maar hij antwoordde: ‘Ik zeg u: als zij zouden zwijgen, dan zouden de stenen het uitschreeuwen.’ (vers 40)

Zeg het maar hardop tegen iedereen dat dít de onzin is die in de kerk verkondigd wordt, dat wij geloven dat stenen kunnen roepen en rivieren in de handen kunnen klappen. Schaam u er niet voor. We hebben nog zo veel te ontdekken. De zon, de maan en de sterren kennen in het scheppingsverhaal hun roeping: ‘ze moeten dienen als lampen aan het hemelgewelf, om licht te geven op de aarde’(Gen. 1, 15). Alles te samen is geroepen om de schepping te dienen. Jij ook, mensenkind!

Kijk naar die koning op een ezel, hoe hij de kunst van het dienen heeft leren verstaan en vervolmaakt heeft. Hij is een met de zon, de maan en de sterren. Hij weet dat je in staat bent om rivieren en zeeën te doden, zo gauw je vergeet dat je niet zonder hen kunt. Hij kent de valkuil van mensen om stenen alleen te gebruiken om daarmee de glazen van de schepping in te gooien, of om er muren van te bouwen die mensen afgrenzen van elkaar en die dieren gevangen zetten om er mee te doen wat jij wilt. Alsof het heersen over de schepping iets anders is dan de koninklijke kunst van het dienen. Alsof die koning op een ezel niet dezelfde is als de HEER uit de psalm, die in aantocht is: ‘Ruim baan voor de verheven koning. / Wie is die vorst zo groot in kracht? / het hoofd van ’s hemels legermacht! Hij komt, Hij maakt bij ons zijn woning.’

II
Het is kaal om vandaag de kinderen er niet bij te hebben, hier in de kerk. Ik kan het me niet heugen: een Palmpasendienst zonder optocht door de kerk. Zonder broodhaantjes in top van de Palmpasenstokken, waar al van gesnoept was. Helaas, het is niet anders: Het virus gooit roet in het eten. Een feestje bouwen zou onverantwoord zijn.

Ook in Jeruzalem is het vandaag stil. Geen optochten. Geen pelgrimages. Het Heilige Land kom je niet in. Stel toen was nu, dan was het hele feestje van de intocht niet doorgegaan. Gek toch hoe je zo’n verhaal vandaag met andere ogen leest. Als we op tijd door hadden gehad wat ons te wachten stond, dan was het Carnaval ook afgeblazen. Misschien een beetje vreemd om het verhaal op deze manier het nu binnen te halen. Voor ons markeert het het begin van de Stille Week vóór Pasen. We zullen het ook straks weer zingen: ‘Heden Hosanna, morgen kruisig hem.’ Het is serious stuff. Het raakt de kern. ‘Het komt binnen,’ zeggen we dan.

Maar dit jaar valt ons een andere kant op aan het verhaal, namelijk het gemis van een feestje. Niet dat naar binnen gekeerde, maar juist het naar buiten gerichte. Elkaar in de arm nemen en dansen, zonder dat je die ander kent, in plaats van anderhalve meter afstand moeten houden en alleen het allerhoogst nodige contact aangaan. Zonder iets af te doen van het ondoorgrondelijk geheim van kruis en opstanding, die andere kant draagt het evangelie ook in zich. Het heeft wel wat van carnaval: die koning op een ezel. Aanraakbaar. Laag bij de grond. Dat ezeltje is trouwens meer dan een illustratie bij de deugd van nederigheid. Het is een echte ezel. Een schepsel als jij en ik. Geboren om te dienen en om te leren wat hard werken is. De takken waarmee wordt gezwaaid (en die we er voor het gemak maar bij denken, omdat ze in dít evangelie nou net niet worden genoemd), zijn takken van echte bomen – vruchtdragers, schaduwbrengers. Net als de stenen echte stenen zijn. Je kunt je er aan stoten én ze geven stevigheid om te kunnen gaan en staan. Ja, alles doet mee: heel de schepping. Binnen- en buitenkant doen mee. Bijzaak bestaat niet in Gods schepping. En dat beseffen we vandaag zo goed. We zouden elkaar willen aanraken, de schepping willen omarmen en dan eens niet je handen hoeven wassen.  

We dachten baas over de schepping te zijn. Hoog verheven. Een koning te paard. En dan ineens is er dat virus. Blind en hersenloos tast het de gezondheid aan en ontregelt en ondermijnt het de normale gang van zaken wereldwijd. Het weet ook zonder hersens wat mensen niet willen weten: dat wij deel van het geheel zijn en er niet boven staan. Een gemeentelid schreef mij: ‘Het is natuurlijk onzinnig om te zeggen: dit is de toorn Gods. En toch, er zit bij mij 1 promille van in. Dan denk ik: de natuur slaat terug. Ik weet natuurlijk ook dat de natuur geen levend wezen is. Maar beter weet ik het niet te zeggen.’

Het is een forse kanttekening bij het vergeestelijken van het geloof. Die kanttekening plaatst ook Paus Franciscus in de encycliek Laudato Si, als hij schrijft: ‘Lof zij u, Heer, door onze zuster, Moeder Aarde, die ons ondersteunt en regeert.’ Ja, u hoort het goed: ‘die ons regeert’. Dat wij mensen tot in al onze vezels verbonden zijn met de aarde en de kosmos, vraagt van ons wijsheid en erkenning van wederzijdse behoeftes, in plaats van graaizucht en eigenbelang.

III
Het straatfeest begint in de nabijheid van Betfage en Betanië. Twee dorpen aan de woestijnkant van de Olijfberg. De woestijn is in de namen gaan zitten. Betfage – Huis van de onrijpe vijgen. Onooglijke vruchten, die de markt niet halen. En Betanië – Huis van de arme. Daar ergens wordt een ezeltje los gemaakt door twee van Jezus’ leerlingen. Een daad van bevrijding, die direct wordt herkend. ‘Hé, waar ga je met mijn ezeltje naar toe?’ ‘De Heer heeft het nodig.’ Het zal ‘m niet onbekend in de oren hebben geklonken. Altijd weer die heren, die jou tot speelbal maken en die zeggenschap hebben over het kleine beetje dat jij bezit. De heren hebben het nodig. Ze staan overal boven. Wat weten zij van leven met onrijpe vruchten?; van krabben in de droge grond?; van de zorgen om je kinderen en hoe het verder moet? Maar deze keer voelt het alsof hij zelf wordt los gemaakt. Er is een feest op handen. Bevrijding wordt gevierd. Het hing al zo lang in de lucht. Zacharia had het al aangekondigd:

9Juich, Sion,
Jeruzalem, schreeuw het uit van vreugde!
Je koning is in aantocht,
bekleed met gerechtigheid en zege.
Nederig komt hij aanrijden op een ezel,
op een hengstveulen, het jong van een ezelin.
10Ik zal de strijdwagens uit Efraïm verjagen
en de paarden uit Jeruzalem;
de bogen worden gebroken.
Hij zal vrede stichten tussen de volken.
Zijn heerschappij strekt zich uit van zee tot zee,
van de Rivier tot de einden der aarde.

O, wat zouden we graag meedoen aan dit carnaval: Verjaag het virus uit de straten. Breek de ban. En laat er vrede zijn tussen de volken. We zijn zowaar gevoelig geworden voor bevrijding, omdat we weer weten hoe het is om opgesloten te zitten en om bang te zijn. En meer dan voorheen snappen we de mensen aan de woestijnkant van de wereld, die al zo lang weten wat het is om vastgezet te worden, klem gezet te zijn – speelbal van de heren die de markt beheersen. Ze zijn onze broers en zussen geworden. Er zijn geen dijken waar je je achter kunt verstoppen voor het virus. Noch voor de grillen van het klimaat. Met elke molecuul, waaruit we zijn opgebouwd, zijn wij met alles en iedereen verbonden. Wij beginnen het te snappen. Nu ons hart nog. Er is maar één wereld. Ja, en van die wereld is Christus koning, zo geloven wij. Die op het ezeltje.

Vergeet het niet als straks de maatregelen worden opgeheven en je eigenlijk niets liever wilt dan je weer van die koning te ontdoen. Vergeet niet waar dit hoopvolle verhaal begon. Niet hier, waar wij ons doorgaans prima weten te redden. Maar daar aan de woestijnkant van de wereld, waar in de komende weken rampen staan te gebeuren. Weet waar uw koning vandaan komt. Maar wanhoop niet. Hoe diep de afgrond ook is van ‘Heden Hosanna, morgen Kruisig hem’. Het morgenlicht van Pasen wenkt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.