Preek van de Week – Zondag 12 mei ’19

Johannes 10, 22 – 30

De opiniemakers in Jeruzalem willen het nu eindelijk wel eens echt horen uit de mond van Jezus: ‘Ben jij nu de Redder van de wereld of niet?’ ‘Kom jij echt bij God vandaan of ben jij numero zoveel die een te grote broek heeft aangetrokken en die op z’n neus moet gaan?’ ‘Zeg het ons dan ronduit.’ (Johannes 10, 24b)

Hij zegt geen ‘ja’. Hij zegt geen ‘nee’. Hij zegt: ‘Wat ik namens mijn vader doe, getuigt over mij.’ (Johannes 10, 25b). Dan gebruikt Jezus het beeld van de herder. Hij is wat hij doet. En dat is niet iets voor op een visitekaartje. ‘Mijn schapen luisteren naar mijn stem, ik ken ze en zij volgen mij.’ (Johannes 10, 27) Jezus gaat niet voor naamsbekendheid. Hij roept jouw naam. Jezus gaat niet voor eeuwige roem. Hij geeft jóu eeuwig leven. Hij is wat hij doet.

U hoort bij hem. Hij kent u. Niet omdat hij uit zijn hoge hemel op u neerkijkt. Maar omdat hij uw nachten kent. Hij is geen sterretje aan de hemel. Hij geeft geluidjes in de nacht. Van dichterbij dan je durfde dromen. Hoor je nou iemand je naam noemen? Niet: doe zus, doe zo, probeer eens dit, probeer eens dat. Geen diagnoses, geen recepten. Maar het noemen van je naam. Het kennen van je angsten. Het weten van je sores. En je hoort aan de stem dat het echt is. Dat is eeuwig leven.

Wat Jezus zegt tegen de opiniemakers, gaat over u. Niet zogenaamd als bij Henk en Ingrid. Maar écht: ‘Ze zullen nooit verloren gaan en niemand zal ze uit mijn hand roven.’ (Johannes 10, 29b). Die hand is het waarin de wonden staan, die jij herkent vanuit je eigen leven. In die hand ben jij geborgen. Zonder heel te hoeven zijn. En al helemaal niet zelfredzaam.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.