Preek van de Week – 26 juli ’20

Lucas 2, 40 – 52

I
‘Studeren is de leerstof of gegevens zodanig geestelijk verwerken dat inzicht en kennis worden verworven.’ Deze definitie van studeren komt uit een oud woordenboek in de studeerkamer van Els. En zo zijn we waar we vandaag wezen moeten. Want na de hal, de kelder, de keuken en de eetkamer staat deze zondag de studeerkamer centraal. Niet ieder huis heeft er een. Je moet wel een kamer over hebben om die tot studeerkamer te kunnen maken. En ook niet onbelangrijk: iemand met gouden handjes zal de garage eerder ombouwen tot werkplaats dan tot studeerkamer. Niet iedereen heeft prettige herinneringen aan het geestelijk verwerken van leerstof. Voor hen is het weer een feest om iets uit je handen te zien komen.

Tijdens de voorbereiding van de dienst viel het woord elitair in verband met de studeerkamer. Maar ja, geldt dat ook niet voor de werkplaats? Het is lang niet iedereen gegeven om bijvoorbeeld een pijporgel te kunnen bouwen. Maar dat elitaire is wel een aandachtspunt. Een keuken heeft iedereen nodig. En als er gekozen moet worden tussen de eetkamertafel of het bureau, dan zullen de meesten toch gaan voor de tafel. Die kun je immers ook gebruiken om aan te studeren als de borden weer in de kast staan.

Een studeerkamer in huis verraadt het belang, dat de bewoner hecht aan het verwerven van kennis en inzicht. Dat geestelijk verwerken van leerstof is meer dan rijtjes en feitjes stampen. Studeerkamerbewoners voelen zich doorgaans meer op hun gemak tussen de wanden met boeken dan tussen de mensen. Boeken zijn voor hen gesprekspartners. Ze leven. Vaak heeft dit type mens naast boeken een partner nodig om de brug te kunnen slaan naar wat anderen het echte leven noemen. De studeerkamergeleerde houdt pas op met lezen als zijn partner het lampje uitknipt.

Het mooie van boeken in een studeerkamer is dat ze je nooit op de huid zitten. Ze zijn er als jij ze nodig hebt en ze protesteren niet wanneer ze weer in de kast worden gezet. De computer is daarin geraffineerder. Hij doet alsof hij je ten dienste staat. Maar ondertussen.. Terwijl jij je zoektermen invult en de gewenste gegevens vergaart, weten dataverzamelaars alles van jou en word je voor een karretje gespannen waar je niet voor gekozen hebt. Je ziet het niet maar het is er wel. Ik noem het omdat dat voor velen ook een aspect is van de studeerkamer: dat jij daar ongestoord jij kunt zijn. Door het raam van de studeerkamer bezie je de wereld als jouw wereld. De studeerkamer is de laatste plek in huis waar je ongestoord een sigaartje op kunt steken, zonder dat iemand protesteert. Niet doen, natuurlijk! Maar het kan wel.

Nou ja, nu heeft het lofdicht op de studeerkamer lang genoeg geduurd. Een mens kan echt zonder, vertelde een gemeentelid me. ‘Ik heb nog nooit zo veel geleerd als sinds mijn pensionering,’ zei hij. Die ging gelijk op met een verhuizing en het afscheid van een studeerkamer. Nieuwe contacten met wereldbewoners kwamen in de plaats van boeken en lesprogramma’s. ‘Nu lees ik wat mij wordt aangereikt of wat mij nieuwsgierig maakt in die contacten. Er gaat een wereld voor me open.’

II
Dat is een mooi bruggetje naar leren en studeren in de bijbel. Wat de meeste dominees wel hebben – een studeerkamer thuis, hadden de schriftgeleerden in de bijbel niet. En ze maalden er niet om. Welke vooroordelen we ook mogen hebben over Joodse schriftgeleerden – en dat zijn er vast wel een paar –, studeerkamergeleerden waren het in ieder geval niet. Het spellen en overdenken van de boeken van Mozes, was altijd gerelateerd aan het alledaagse handelen.  

Er is een verhaal over rabbi Tarfon en rabbi Akiva, dat luidt als volgt: “Eens lagen rabbi Tarfon en de oudsten aan in een bovenzaal van Nitza’s uit Lod, toen hen gevraagd werd: ‘Wat is belangrijker, het leren of het doen?’ Rabbi Tarfon antwoordde en zei: ‘Het doen is belangrijker.’ Rabbi  Akiva antwoordde en zei: ‘Het leren is belangrijker.’ Tenslotte antwoordden allen en zeiden: ‘Het leren is belangrijker, want het leidt tot het doen’.”

Dat spreekt ook uit Psalm 1. Je bestudeert de Thora om het goede te leren doen. ‘Gelukkig de mens die niet meegaat met wie kwaad doen, die de weg van zondaars niet betreedt, bij spotters niet aan tafel zit, maar vreugde vindt in de wet van de HEER en zich verdiept in zijn wet, dag en nacht.’ We lezen er al gauw braafheid in. Je kunt beter aan bijbelstudie doen dan feest vieren, is dan de uitleg. Alsof die twee elkaar uitsluiten. Bijbelstudie kan een feestje zijn, kan ik u vertellen. En van een feest, dat je even boven het alledaagse uittilt, kan een mens wijzer thuis komen. Nee, Thora heeft niets met braafheid en alles met bevrijding. Je bestudeert de Thora om te leren tijdens een feestje het niet te laten passeren als iemand van het feestmaal wordt buiten gesloten of op een andere manier  als minderwaardig wordt behandeld. Want dat is spotten met bevrijding. Je studeert om mens te worden. Moderne joodse wetenschappers aan de universiteiten van deze wereld, die niet vervreemd geraakt zijn van de joodse cultuur, zullen altijd de vraag blijven stellen: ‘Welk doel dient het onderzoek? Welke mensen worden hier beter van? Wordt de wereld een betere plek om te wonen?

Dat is al met al de eerste reden waarom je als schriftgeleerde nooit studeerkamerbewoner kunt worden. En de tweede reden is dat bijbelstudie een gezamenlijke opdracht is. In de studeerkamer heb je het rijk alleen. In de sjoel, waar de synagoge aan vast gebouwd zit, studeer je samen. Je zoekt elkaar op. Je discussieert op het scherpst van de snede. Want je weet dat het ergens over gaat. Met uitvluchten en halve antwoorden neem je geen genoegen. Je vergeet de tijd. En precies dat maakt dat je vreugde vindt in de wet van de HEER. Dat heet ‘lernen’ in het jodendom. Geen eenrichtingsverkeer van leraar naar leerling. Maar een zinderend spel waarin het heen en weer gaat tussen leerling en leraar en iedereen wijzer wordt. Het stof krijgt geen kans om op de boeken te slaan.

III
Met die bril op lezen we vanmorgen het evangelie. Zonder die bril op wordt Jezus een onuitstaanbare brave borst, die liever naar catechisatie gaat dan dat hij speelt met leeftijdgenootjes. En je kunt er niet echt wat van zeggen, want hij is wel de Zoon van God hè. En het is toch ook mooi hoe hij zich uiteindelijk voegt onder het ouderlijk gezag. Niets op aan te merken. Dat is kort samen gevat de uitleg van iemand die gepokt en gemazeld is door de kerk. En wie dat niet is en meer een kind van deze tijd, ziet in hem een hoogbegaafde jongen die het moeilijk heeft met zijn omgeving. Herkenbaar, omdat hoogbegaafdheid beter in beeld is dan voorheen. Lees je dan dat Gods genade op hem rustte, dan denk je aan de mazzel om zo’n kind te hebben. Want wie wil dat nou niet? Zo’n kind komt nog eens ergens.

Terug naar de kern. Terug naar het hart van Thora. Want daar brandt Gods liefde voor Israël. En via Israël voor jou en voor mij en voor heel de wereld. Dat hart trekt zich niets aan van onze mening over hoe het hoort. Het is niet onder de indruk van wat wij menen te weten over God. Over of hij wel of niet bestaat. Terug naar de kern en dat is Pesach. Wie zegt u? Pesach, dat onvoorstelbaar feest van bevrijding voor mensen die geen kant op konden, die niemand waren en werden uitgekozen door een God van wie gezegd werd: ‘Zoiets bestaat toch niet!’. Naamlozen die een volk werden. Niet omdat ze worstelend boven kwamen, maar omdat er van hen gehouden werd.

Om dat feest te vieren gingen zijn ouders jaar in jaar uit op naar Jeruzalem. En geen enkel jaar wisten ze zeker dat het waar was, dat verhaal. Maar ze víerden het. Met familie en verwanten. Dichter bij de kern kun je niet komen dan dit gewoon maar te doen. Want dat ligt in je macht. Het begrijpen is een brug te ver.

Wat de twaalf jarige Jezus doet, is leven dat het waar is; dat het gewone vol belofte is; dat het aan de deur rammelt van het nu. Pesach is niet van toen ooit eens. Het is ook geen cultuurbezit. Het is de genade die zich een weg baant. In dit mensenkind gebeurt het opnieuw. In deze jongen die nog Bar Mitswa moet worden, breekt de bevrijding uit naar alle kanten. De leermeesters staan versteld van zijn inzicht en zijn antwoorden. Hij luistert naar hen. Hij vraagt. En zij worden zich bewust van wat zij zelf te delen hebben. En ze raken van hun stuk. Het is écht. Waar Pesach dreigde te stollen tot traditie, daar breekt het uit de boeien van godsdienstigheid en geleerdheid. Ze zijn niet verbaasd. Ze zijn letterlijk ontzet.

En bij de ouders van het zelfde laken een pak. Ze hebben een andere positie. Ze hebben thuis een timmerwerkplaats, geen studeerkamer. Zij zijn geen leermeesters. Zij zijn zijn ouders. Maar ook zij zijn ontzet – uit het veld geslagen. Er blijft niets heel van het gewone en van hoe het hoort als Gods liefde levende werkelijkheid wordt. ‘Ze begrepen niet wat hij tegen hen zei,’ zegt het evangelie. En dat hoeft ook niet. Het kán niet eens. Je kunt alleen doen wat Maria deed: de woorden bewaren in je hart.

IV
Jezus daalt met hen af naar Nazareth. Hij zal in de werkplaats het gereedschap aangeven als Jozef daar om vraagt. Niet omdat hij nou eenmaal onuitstaanbaar braaf en gehoorzaam is. Maar omdat God dáár God wil zijn, midden in het alledaagse. Bij mensen die geen naam mogen hebben. ‘Hij heeft zich aan hen onderschikt,’ staat er. Niet omdat dat zo hoort. Maar omdat God zijn bevrijding van de wereld inzet als ondergeschikte met de ondergeschikten. Buiten alle bestaande kaders, waar wij heiligheid aan hebben gegeven.

Daar neemt Jezus toe in wijsheid, in gestalte en genade, bij God en mensen. Laat de studeerkamer van de pastorie een plek zijn waar hier over na wordt gedacht. Per definitie out-of-the-box. En laat wat hier verkondigd wordt op zondag de gemeente dichter brengen bij wat ondergeschikt is in deze samenleving. Weg bij onze zielenroerselen en bij onze gehoorzaamheid aan de ongeschreven wetten van wat we samenleving noemen, maar het nog lang niet is. En laten we weer gaan ‘lernen’, te rade gaan bij de leermeesters van de sjoel, nu we nog bestaan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.