Kinderverhaal: Tijd vliegt

‘Duurt het nog lang?’ vraagt Micha. Het Jakobspaadje waarop ze al de hele middag lopen, lijkt geen einde te hebben. ‘Ja en nee’ zegt Jezus. ‘Wat is het nou’ zucht Mirjam ‘ja of nee?’ ‘Het duurt wel lang’, zegt Jezus, ‘maar als je het leuk hebt, dan vliegt de tijd. Kom ik vertel er een verhaal bij. Dan gaat onze reis sneller.

Eens liep opa Jakob op ditzelfde paadje. De reis was lang, maar de tijd vloog, want Jakob ging recht op zijn doel af. ‘En dat was?’ vraagt Mirjam. ‘Het meisje van zijn dromen’ lacht Jezus. ‘Ze heette Rachel en Jakob was meteen verliefd op haar. Hij zag haar bij de put en tilde voor haar de grote steen die erop lag. Toen kuste hij haar. “Ik ben het” zei hij.’ ‘Romantisch’ vindt Mirjam. ‘Gingen ze trouwen?’

‘Even wachten’, zegt Jezus. ‘Jakob ging naar Rachels vader. “Je komt van ver”, zei Rachels vader, “maar je bent er één van ons. Als je 7 jaar voor me werkt, mag je mijn dochter trouwen.”

‘Oei, dat is lang’ zegt Micha. ‘De jaren vlogen om’ zegt Jezus. ‘En trouwde Jakob toen met Rachel?’ vraagt Mirjam. ‘Dat had hij gedacht’ lacht Jezus. ‘Hij moest eerst met haar oudste zus trouwen. Zo ging dat daar. Daarna mocht hij Rachel trouwen, maar dat kostte hem nog weer 7 jaar werken.’

‘Zeven erbij zeven…’ rekent Micha, ‘dat is …..heel lang’.
‘Klopt’ zegt Jezus, ‘maar voor Jakob vloog de tijd om. Trouwens, bij ons ook. Het is allang donker. Is het nog geen bedtijd?’ ‘Geen flauw idee’ zeggen Mirjam en Micha. En zo langzaam als ze kunnen lopen ze het paadje terug naar huis.

Lezing:    Genesis 29: 1-30
In de koffer: wekker met vleugels

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *