Kinderverhaal: Van mij!

‘Vandaag’, vertelt Mirjam, ‘mochten we familiefoto’s meenemen naar school. Ik had foto’s van mijn Oer-opa Jakob. Maar toen Micha die zag, zei hij: “geef hier. Die is van mij!”
En hij pakte de foto zomaar af.’

‘Laten we een stukje wandelen’ stelt Jezus voor. ‘Waarheen?’ vraagt Mirjam. ‘Gewoon dit paadje volgen’ zegt Jezus. ‘Het is al heel oud.’ ‘Hoe oud?’ wil Mirjam weten. ‘Oeroud’ lacht Jezus. ‘Oer-opa Jakob heeft hier vast ook gelopen. Vlak achter zijn broer Esau. Die twee hadden vaak ruzie. Dat ging dan zo:

“Pappa is van mij”, zei Esau. “Maar mamma van mij” zei Jakob
“De keuken is van mij” zei Jakob. “Maar het eten voor mij” zei Esau. “Maar ik ben de oudste” zei Esau. “Dus later is alles voor mij.”
Daar had Jakob geen antwoord op. Want zo ging dat in die tijd.

Op een dag kwam Esau moe thuis. Jakob had soep gekookt. “Geef die soep eens aan mij” zei Esau. “Eerlijk ruilen” zei Jakob. “Als jij soep krijgt, mag ik de oudste zijn. Dan is alles later voor mij.” “ Ik heb nú honger” zei Esau. “Wat maakt mij later uit.”

‘En zo’ zegt Jezus, ‘werd Jakob de oudste. Hij mocht meedoen in het verhaal van God en de mensen. Jakob liep mee op het pad dat door zijn opa was gelopen. Later zouden zijn kinderen en kleinkinderen daar ook lopen.’ Jezus knipoogt naar Mirjam.

‘Maar van wie is Jakob nu eigenlijk de opa?’ vraagt Mirjam.
‘Van mij!’ lacht Jezus. ‘En van jullie allebei.’
Mirjam blijft verbaasd staan. En dan huppelt ze achter Jezus aan. Op het oeroude Oer-opa paadje.

Genesis 25: 19-34 (Jakob en Esau)
In de koffer: een post-it met daarop “van mij!”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *