Kinderverhaal: Pechvogel

Job is net naar huis. Mirjam en Micha zitten nog even met Jezus onder de grote boom. Job had alles. Het leven was een groot feest. En iedereen mocht altijd met hem meedoen. Maar dat was eens. Nu heeft Job niks meer. Alles is hij kwijt: het grote huis en al zijn geld, zijn paarden en zijn mooie auto. Job heeft pech gehad. Pech met een grote P. ‘Zo veel pech, hoe kan dat?,’ vraagt Micha. ‘Had God niet wat beter op kunnen letten?,’ vraagt Mirjam. ‘Wat Job allemaal is overkomen, dat gun je je ergste vijand niet,’ had de papa van Micha gezegd. En Job is helemaal geen vijand. Hij is een vriend voor iedereen.

Jezus is stil. Op wat Micha en Mirjam vragen, heeft hij ook geen antwoord. Soms gebeuren er zo veel erge dingen tegelijk, dat je er stil van wordt. En God? Heeft God zitten slapen of zo? ‘We moeten er altijd voor Job zijn,’ zegt Jezus. ‘Hij hoort bij ons en wij bij hem.’ Dan vertelt Jezus een verhaal. Het gaat over Job en over God en het staat in de bijbel.

‘Ik ben zo blij met Job,’ zei God tegen zijn engelen. ‘Hij maakt de aarde mooier voor iedereen.’ ‘Makkie!,’ zei een van de engelen die er van houdt om God tegen te spreken. ‘U geeft hem alles. Niemand heeft zo veel mazzel als Job. Maar of jullie echt van elkaar houden? Pak Job alles af en hij wil nooit meer iets van u weten!’ Dat doet au bij God. Zou de liefde tussen Job en hem niet echt zijn? God twijfelt. Hij heeft zo gauw geen antwoord op wat die dwarse engel zegt. ‘Toe maar dan,’ zegt God, ‘Pak hem alles maar af en pak mij mijn blijdschap over Job maar af. Ik wil weten hoeveel ik van Job houd en Job van mij.’

Bij alle erge dingen die Job moest meemaken, gaf hij God toch niet de schuld. ‘Door dik en dun houd ik van God en God van mij,’ zei Job. ‘Dat laat ik me niet afpakken.’

Lezing: Job 1
In de koffer: Pechvogel

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *