Kinderverhaal: Met Jezus is dood nooit meer dood

Lezing:    Johannes 20, 1 – 18

Jezus is dood. Niet gewoon dood gegaan. Hij is dood gemaakt. Ze wilden zijn verhalen niet meer horen. Ze wilden zijn gezicht niet meer zien. Ze hadden geen tijd voor de mensen voor wie Jezus altijd tijd had: voor gekke Geert, voor vieze Lieze, voor Hanna met haar schulden, voor Job met al zijn pech, voor opa Bram die niet meer voor zijn tuin kan zorgen. Zonder Jezus zijn zij nergens. En dat is wel zo rustig.

Mirjam en Micha gaan naar de tuin van opa Bram. Het is nog heel erg vroeg. Te vroeg. Maar ze konden toch niet meer slapen. ‘Dood is niks,’ zegt Micha. ‘Dood is zo dood,’ zegt Mirjam. ‘En het gaat nooit over,’ zegt Micha. ‘Nooit meer Jezus je naam horen roepen uit de verte,’ zegt Mirjam. ‘Dood is nooit meer lachen,’ zegt Micha. ‘Dood is nooit meer kunnen huilen,’ zegt Mirjam. Ze kijkt opzij. Micha huilt. Het is te erg.

In de tuin van opa Bram is iemand aan het werk. Op zijn hurken met de handen in de grond. Zo vroeg al. Alsof Jezus op ze wachtte. Hij groet. Hij weet hun namen. ‘Ha Micha!’ ‘Ha Mirjam!’ Het klinkt alsof er niets ergs gebeurd is. Het is alsof alles weer goed is. De tuinman veegt met zijn hand wat tranen bij Micha weg. Mirjam moet lachen om de zwarte veeg op Micha’s gezicht.

‘Ik ben zaadjes aan het planten,’ zegt de tuinman. ‘Komen jullie me helpen?’ Een voor een gaan de zaadjes de grond in. De zon klimt langzaam omhoog. Het is nog stil. Dan vertelt de tuinman een verhaal van Jezus over een zaadje dat wordt begraven in de aarde. Waar zo veel moois uit groeien zal dat er voor iedereen genoeg is. ‘Dood is niet dood,’ zegt de tuinman. ‘Met Jezus is dood nooit meer dood.’ Ze kijken elkaar aan. Ze hoeven het niet eens hardop te zeggen: Jezus is erbij. Hij leeft. fffffffff

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.