Kinderverhaal: Hoor je me?

Het bankje bovenop de heuvel is bezet. Want Job staat er bovenop. Hij zwaait met zijn armen. ‘Pas op!’ roept hij. ‘Het stormt! Straks valt er een tak op je hoofd!’ Mirjam kijkt omhoog. De blaadjes ritselen niet eens. Micha maakt een gebaar naar Mirjam. Het betekent zoiets als: ‘die is gek’.

Arme Job. Alles is hij kwijt geraakt. Zijn lijf zit vol met bulten. En nu lijkt hij ook al van binnen ziek. ‘Moeten we niet tegen Job zeggen dat er helemaal geen storm is?’ vraagt Micha. ‘Doe maar niet,’ zegt Jezus. ‘Soms helpen aardig bedoelde woorden niet meer. Dan kun je alleen maar bij iemand zijn. Totdat de storm is weggewaaid.

‘In de bijbel staat een verhaal over storm,’vertelt Jezus.
‘En over Job. Hij begrijpt veel dingen niet. Daarom vraagt hij veel: “Waarom ben ik alles kwijt? Waarom ben ik ziek? Is er dan niemand die me ziet? Hoort God me wel?”

‘En, hoorde God hem?’ vraagt Micha. Jezus knikt. ‘God luistert altijd’ zegt hij. ‘Hij liep zelfs een stukje mee in de storm. En elke keer als Job iets vroeg, deed God dat ook.

Tenslotte dacht Job: ‘Ik heb veel vragen en geen antwoorden. Eigenlijk weet ik niet veel. Het enige wat ik moet weten, is dat God me hoort. Dat is genoeg.’

Micha wijst naar het bankje. Job staat niet meer. En hij schreeuwt niet meer. Hij slaapt.

De storm in zijn hoofd is gaan liggen.

Lezing: Job 38
In de koffer: een vraagteken

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *