Kinderverhaal: Bah, wijn!

Mirjam en Micha hebben hun mooiste kleren aan. Want er is feest. Een trouwfeest. Overal praten en lachen mensen. Schalen met brood worden rondgedeeld. Er is genoeg voor iedereen. “Zo zou het altijd moeten zijn”, zucht Micha. “Zo zal het ook zijn”, zegt Jezus. “Later”.

Er klinkt vrolijke muziek. De bruid en bruidegom dansen samen. “Wat zijn ze mooi”, vindt Mirjam. “Later, als ik ga trouwen, wil ik ook zo’n mooie jurk. Later…”

Van al dat dansen en lachen krijgen de mensen het warm.
Ze drinken wijn. Het maakt ze vrolijk. Ook Micha heeft dorst.
Hij gaat op zoek naar een beker druivensap. Er is niet veel meer. Nog één beker vindt Micha. Hij deelt ‘m met Mirjam.

Maria komt aangelopen. Ze kijkt Jezus vragend aan.
“De wijn is op”, zegt ze, er is alleen nog water”. “Niet nu”, zegt Jezus, “Later”.

“Later”, moppert Micha. “Jullie praten allemaal over later. Maar ik wil nú feest!” Jezus staat op. “Je hebt gelijk”, zegt hij. “Water was voor in de woestijn. Maar wijn hoort bij het beloofde land.
Laten we nu vieren hoe het later zal zijn”.

Het is nu later. Het feest gaat maar door. Want er is genoeg.
Het water is wijn geworden. Nog lekkerder dan eerder op de avond. “Wil je ook een slokje?” vraagt Jezus aan Micha. Die schudt zijn hoofd: “Ik vind wijn vies!”. “Dat komt nog wel”, zegt Jezus, “later zul je het lekker vinden”. “Daar heb je hem weer met zijn later”, bromt Micha. “Kom Mirjam, we gaan dansen. Nú!” En lachend trekt hij Mirjam mee.

Lezing: Johannes 2:1-12
In de koffer: een avondmaalsbeker

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.